Polestar 5 en vier nieuwkomers: redmiddel of revolutie?
In de lange geschiedenis van de auto-industrie zijn er maar weinig merken die zo zelfverzekerd ogen terwijl hun balans de laatste minuten van de Titanic weerspiegelt. Polestar trekt zich er niets van aan.
Terwijl concurrenten hun ambities temperen en stiekem teruggrijpen naar de verbrandingsmotor, kondigt het Zweeds-Chinese Polestar een frontale aanval aan. Onder leiding van Michael Lohscheller wil Polestar binnen drie jaar vier nieuwe modellen lanceren. Dit is geen routineuze facelift, maar een alles-of-niets-poging om door te dringen tot de top, waar techniek de dienst uitmaakt en marketing slechts mag toekijken.
Polestar 5: aluminium en ambitie
Centraal in deze strategie staat de Polestar 5. Ingenieurs ontwikkelden een volledig nieuw, gelijmd aluminium platform voor deze vlaggenschip, met een torsiestijfheid die je normaal alleen bij exclusieve supercars aantreft.
De 112 kWh-accu is niet simpelweg onder de vloer geschroefd, maar vormt een integraal onderdeel van de carrosseriestructuur. Dat draagt bij aan de stijfheid en gewichtsverdeling, in plaats van louter ballast te zijn.
De auto verschijnt in de zomer van 2026 als volwaardige grand tourer. Dankzij een 800 volt-architectuur kan hij tot 350 kW laden, waarmee de batterij onder ideale omstandigheden in 22 minuten van 10 naar 80 procent gaat.
In Performance-uitvoering levert de dubbele elektromotor 650 kW en 900 Nm. Daarmee mikt Polestar rechtstreeks op de Porsche Taycan.
Vier modellen, één gok
De productplanning van Polestar leest als een manifest.
Eind 2026 verschijnt een vernieuwde Polestar 4, die de praktische bruikbaarheid van een stationwagen combineert met de zitpositie van een SUV. De achterruit is bewust weggelaten; zicht naar achteren verloopt volledig via camera’s. Gedurfd of roekeloos? Dat hangt af van je tolerantie voor schermen in plaats van glas.
In 2027 volgt de opvolger van de Polestar 2. Geen oppervlakkige update, maar een compleet nieuw platform dat de aanval opent op de Tesla Model 3 in het compacte premium EV-segment.
Daarna komt in 2028 de Polestar 7, een compacte SUV die in Europa gebouwd zal worden. Door lokale productie omzeilt moederbedrijf Geely de importheffingen op Chinese EV’s en brengt het het merk dichter bij de kernmarkten.
Van design naar discipline
Het vertrek van Thomas Ingenlath en de komst van Lohscheller markeren een cultuuromslag. De focus verschuift van design-droom naar operationele efficiëntie.
Polestar verbrandt nog altijd geld in een alarmerend tempo, maar Geely en andere investeerders pompten onlangs meer dan een miljard dollar aan vers kapitaal in het merk. Zuurstof voor een marathon die pas net begonnen is.
De strategie is helder: Polestar moet van niche naar winstgevende volumemaker. Een verkooprecord van ruim 60.000 auto’s in 2025 gaf momentum, maar negatieve marges dwingen de ingenieurs tot het zoeken van besparingen met chirurgische precisie.
Als de Polestar 5 mikt op het imago van de Taycan, moet de Polestar 7 structureel winst opleveren. Lukt dat niet, dan blijft het merk een hobbyproject dat drijft op het geduld van Geely.
Infrastructuur, winter en realiteit
Voor kopers roept Polestars technologische sprong een praktische vraag op. Een 800 volt-systeem klinkt indrukwekkend, maar is zinloos als het dichtstbijzijnde laadpunt niet verder komt dan 50 kW. De laadinfrastructuur moet gelijke tred houden met de auto’s.
Polestar, geworteld in Scandinavische techniek, presteert traditioneel goed in barre winters. Thermisch management en vierwielaandrijving zijn afgestemd op kou. Maar 22 inch-velgen met lage banden vragen om chirurgische stuurkunsten op gehavende stadswegen.
Hier kijkt men vooral uit naar de Polestar 7. De compacte premium SUV blijft de ideale keuze voor succesvolle professionals die prestaties zoeken zonder opzichtigheid.
Of deze productoffensief Geely’s financiële reddingsboei wordt of een waar technologisch succes, hangt minder af van de introductiekrantenkoppen en meer van de marges. In het elektrische tijdperk is alleen briljantie niet langer genoeg om te overleven.