Kia EV1 mikt op Europa nu de strijd om de betaalbare EV verhardt
De Kia EV1 is het nieuwste gespreksonderwerp op de Europese markt voor elektrische auto's. In officieel materiaal sprak Kia over uitbreiding van zijn gamma kleinere elektrische volumemodellen en hintte het op een stadsauto onder de EV2, met een vanafprijs van rond 23.000 euro. Dit keer bleef het niet bij een visie, want het merk schetste ook de contouren van een model dat daadwerkelijk op straat kan verschijnen.
Kia wil in Europa geen nichepositie, maar volume draaien.
De ambities zijn fors, zelfs naar de vaak luidruchtige maatstaven van de auto-industrie. Tegen 2030 wil het merk 4,19 miljoen auto's verkopen. Daarvan moeten 2,33 miljoen exemplaren geëlektrificeerde modellen zijn en 1,26 miljoen volledig elektrische auto's. In Europa mikt Kia op 774.000 verkopen, waarbij geëlektrificeerde modellen goed moeten zijn voor 86 procent van de mix. Dat verklaart grotendeels waarom het hier een kleinere en goedkopere elektrische auto nodig heeft.
Voor het kleinere model zijn ook de eerste cijfers in beeld.
Voorlopig staat de auto intern nog bekend onder de werktitel B HB en Kia heeft de definitieve naam nog niet bevestigd. Naar verwachting komt hij onder de EV2 in het gamma en zal hij waarschijnlijk dezelfde technische basis en een deel van de aandrijflijn delen. De eerste verwachtingen wijzen op een actieradius van 320 tot 480 kilometer en een vermogen van ongeveer 150 pk, of grofweg 110 kW. Voor een kleine auto klinkt dat ruim voldoende, zeker in de stad.
De prijs daalt alleen als de productie goedkoper wordt.
Kia doet niet alsof de belofte van een goedkopere elektrische auto vanzelf werkelijkheid wordt. Het bedrijf wil de wereldwijde productiecapaciteit tegen 2030 met 17 procent verhogen, naar 4,25 miljoen auto's, en tegelijk de rol van lokale productie in belangrijke markten uitbreiden. Binnen die strategie krijgt Europa de taak om zich te richten op compacte SUV's en hatchbacks. Tegelijk zegt Kia de kosten te verlagen met eenvoudiger hardware, elektronica van de volgende generatie en flexibelere productie. Met andere woorden: uiteindelijk valt de beslissing in de fabriek. Daar wordt bepaald of 23.000 euro een reclametekst blijft of een echte prijs wordt.
De marktdruk neemt toe, met Volkswagen en Renault die op dezelfde deur kloppen.
Volkswagen heeft voor Europa tegen 2027 een productieversie van de ID. EVERY1 beloofd voor ongeveer 20.000 euro, terwijl Renault zegt dat de elektrische Twingo E-Tech ook onder de 20.000 euro moet uitkomen. Als Kia dus met een model vanaf ongeveer 23.000 euro op de markt komt, jaagt het zonder twijfel op de massamarkt, maar het pakt daarmee niet automatisch de titel van echt goedkope elektrische auto. De Europese auto-industrie praat momenteel graag over betaalbaarheid. Zodra de prijslijst verschijnt, blijkt dat woord alleen vaak ineens een stuk filosofischer.